Stel je voor...

Ameland, september 2022

Stel je voor…

Je hebt een jaar hard gewerkt en bent toe aan vakantie. Ameland dit jaar, samen met je vrouw en vier kinderen. Genieten van samenzijn en het buiten leven, heerlijk om even stilgezet te worden.

De jongste twee slapen bij jullie in de caravan, de oudste van negen en haar zusje van zeven in een bijzettentje. Het is wat krap, maar gezellig. Dat is mijn vakantie. Elke ochtend samen broodjes halen en vooral veel zwemmen want het is warm. Elke dag mogen de kinderen een ijsje uitkiezen (tot max. twee euro en heel soms een Magnum-dag). Regelmatig een mooie excursie, strand of een leuke braderie. En ‘s avonds koken we iets simpels, zetten we de barbecue aan en spelen we Kubbs tot het donker wordt. De perfecte manier om uit te rusten!

Maar er is ook een keerzijde. De kleinste kan niet slapen van de warmte en muggen hebben haar flink te pakken gehad. De buren uit Twente zijn elke avond erg luidruchtig, en de baby van de overburen is elke ochtend om zes uur al wakker. Het luchtbed van de oudste twee is lek en moet elke avond nog even bijgepompt worden.

 

”Tijdens het eten aan de campingtafel zingen we zachter dan anders ons christelijke versje”

 

Op een avond regent het en is de halve voortent zeiknat omdat ik de flappen niet goed vastgezet heb. Als ik om drie uur ’s nachts uit bed moet omdat ik een kind hoor huilen, laveer ik om de plassen heen en… bam, vol met mijn schenen tegen de scheerlijnen. Kak! En hoe maak ik ooit een fles melk warm in het midden van de nacht zonder anderen wakker te maken? Datzelfde probleem heb ik in de ochtend, als ik de voortent zachtjes uit sluip om met de jongste in de buggy over de camping te dwalen totdat de bakker ein-de-lijk opengaat om acht uur. Nog zo’n klotenacht en we gaan eerder naar huis! Ik heb toch nog geen bladzijde uit mijn boek kunnen lezen.

Tijdens het eten aan de campingtafel zingen we zachter dan anders ons christelijke versje. Stiekem toch een beetje schaamte voor de buren. We danken God dat we lekker op vakantie mogen zijn, en bidden voor alle mensen die dat niet zomaar kunnen doen. Ik heb het gevoel dat de kinderen dat voorrecht nog niet helemaal begrijpen, alhoewel mijn eigen besef soms ook wat weggezakt is.

En dan denk ik terug aan Grace*, die ik ontmoette in een vluchtelingenkamp in Burundi…

 

 

Burundi, augustus 2022

Stel je voor…

Je vlucht omdat je huis is overstroomd. Je komt terecht in een vluchtelingenkamp. Je nieuwe huis is in totaal twee bij twee meter. De ‘muren’ zijn vier tentdoeken. En tegelijkertijd ook de ‘muren’ van de buren. Kleiner dan mijn caravan…

Daar zit je dan. Als moeder met zes kinderen. De jongste nog een peuter, de oudste al twintig. Je slaapt met z’n allen – inclusief pubers  – in je ‘huis’ op matjes op de grond waarvoor eigenlijk geen ruimte is. En jij en je man kunnen je kinderen amper één maaltijd per dag geven. Er is hier geen land om te verbouwen en de inkomsten van het borduurwerk dat je doet om toch maar iets te proberen, zijn erg beperkt. Dus wacht je nog maar weer een dag op het voedsel dat wordt uitgedeeld. De zon brandt hard en maakt het leven zwaar.

 

”Het is zo onrechtvaardig dat waar je wieg staat bepaalt hoe je leven eruit ziet”

 

En je wacht tot je terug kan. Eerst was je nog hoopvol. Een dag, een week. Maar nu weet je dat dit geen noodoplossing was. Je zit hier al maanden, jaren. Af en toe wordt je zo gek van het gebrek aan privacy, de slechte nachten, de honger en vooral de uitzichtloosheid dat je wilt opgeven… Maar je hebt kinderen en je moet door. Dan begin je met zingen. Zingen tot een God die er is. En die deze puinhoop ziet.

Ik zing met je mee. Met een brok in mijn keel. Jij raakt me, Grace. Soms maakt mijn werk me haast immuun, kijk ik alleen maar naar hoe een programma geregeld is, inventariseer ik budgetten, en indicatoren zoals het aantal maaltijden per dag. En dan vergeet ik soms jouw echte verhaal en die van je buurvrouw en van al die mensen die gewoon hun leven proberen te leven, maar niet het geluk hebben om op een camping in Nederland zich te ergeren aan het gehuil van een baby twee tenten verderop, om vervolgens naar huis en aan het werk te gaan.

Ik zing met je mee. Tot een God die er is. Die deze puinhoop ziet. En ik bid dat op deze wereld we naar elkaar blijven omkijken. Het is zo onrechtvaardig dat waar je wieg staat, bepaalt hoe je leven eruit ziet. Het had zomaar mijn gezin kunnen zijn. Ik hoop en bid dat wij onze ogen en harten open blijven houden en net als Grace niet opgeven tot het beter wordt.

 

*niet haar echte naam

 

Geert de Jonge
Aafke Lamberink

 

Grace Burundi

Delen?

Altijd op de hoogte willen blijven?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en ontvang via e-mail het laatste nieuws over de projecten en acties van Red een Kind

Ja! Houd mij op de hoogte