Wat denk je te brengen, wat denk je daar te halen? De vragen die zijn gesteld en waar niet zomaar een antwoord op komt. In mijn zoektocht naar hoe ik mij verhoud tot deze reis, verdiep ik mij in de geschiedenis van Oeganda. En al lezende realiseer ik mij dat ik k zal moeten bepalen wie ik dan ben.

Omdat niet alle lezers van dit reisverslag mij kennen, is het daarom van belang iets over mijzelf te vertellen: Ik ben een blanke, oer-Hollandse gereformeerde jongen. Opgevoed in een groot gezin door lieve ouders. Ik ben al 23 jaar getrouwd met een lieve, blanke, Nederlandse en (bijna) even gereformeerde vrouw. Wij konden niet zwanger worden en na een heel proces hebben we drie prachtige bruine dochters mogen adopteren uit Zuid-Afrika.

En dat kleurt mijn beeld over de verhoudingen tussen blank en bruin. De apartheid, blanken die bruine mensen ‘minder’ vonden dan zijzelf. Hen achterstelden, geen kansen gaven. Geweld tegen de donkere bevolkingsgroep… En de omwenteling, de nieuwe situatie, waarbij ‘bruin’ aan de macht, bruine mensen voortrekt, je huidskleur net als daarvoor het grootste voordeel is bij een sollicitatie.

Oeganda lijkt minder te zijn beïnvloed door de Britten die destijds Oeganda kolonialiseerden. Als ik lees over racisme in Oeganda, dan gaat het over bruine bevolkingsgroepen die elkaar uitsluiten. Hoe kijkt een Oegandees dan tegen blanke mensen aan? Het lijkt er op dat wij voor de ‘gewone’ Oegandees gewoon rijke belangrijke mensen zijn. Op de voorbereidingsdag werd ook uitgelegd dat als wij bij mensen in een dorp op bezoek komen, de status van deze mensen in de ogen van hun dorpsgenoten direct stijgt…

En dát vind ik alleen al lastig. Blijkbaar wil ik gewoon graag mens onder die mensen zijn, gelijke onder gelijken. Maar als ik dat in hun ogen niet ben, dan zal ik dat ook nooit zijn…

Tijdens mijn zoektocht naar de geschiedenis van Oeganda stuitte ik ook op één van Afrika’s beroemdste gedichten. Song of Lawino werd in 1972 (jawel, mijn geboortejaar) gepubliceerd door de Oegandees Okot p’Bitek. Het moest Oegandezen kort na de dekolonisatie aanmoedigen tot herwaardering van inheemse gebruiken. Het indrukwekkende gedicht is nog steeds lesstof op scholen.

In de Engelse vertaling, waarin het gedicht nogal plastisch overkomt, wordt door Lawino vaak het verschil tussen blanken en henzelf benadrukt. Ze ergert zich er aan dat haar man zich als een blanke wil gedragen en haar man vindt haar blijkbaar bang en ‘achterlijk’.

Hoe dan ook, het is niet raar dat het een onderwerp van gesprek of gedachten is bij de bevolking van Oeganda. Hoe verhouden zij zich tot ons? We hebben zoveel andere dingen gebracht in hun wereld. Dingen die niet altijd beter zijn dan wat er was. Ik neem me voor dat dat niet iets is wat ik wil gaan herhalen. Ik ga op zoek naar wat er is. Ik ga proberen mezelf te zijn. Contact maken en genieten van elkaar.

Wie ben ik, wie zijn zij? Als ik het antwoord moet formuleren, dan is wat wij sámen zijn dat we mensen zijn, kinderen van de Schepper, geschapen om lief te hebben. Als we van daaruit elkaar kunnen ontmoeten, zijn de verschillen alleen maar interessant en een kans om iets voor elkaar te betekenen!

Lekker abstract nog, dat wel. Eens kijken wat dat in de praktijk nou precies gaat betekenen.

André werkt bij Rots Bouw en reist eind oktober met Red een Kind en andere ondernemers naar Oeganda. Hij blogt over zijn ervaringen.

Terug naar overzicht