Wauw! Hoe moet ik omschrijven hoe het is om in een Oegandees dorp te worden ontvangen met dans, muziek, drama en eten!? Om als de meest geziene gast door tientallen mensen te worden onthaald, verwelkomd, geŽerdÖ

Ik ga zo toch een poging doen. Maar eerst zijn we op projectbezoek geweest bij het project in de buurt van Arua. Allereerst werden we verwelkomd in een dorp waar de stoelen voor de geëerde gasten klaar stonden en we al weer werden onthaald met gezang en dans. Uiteraard werd er kennis gemaakt, welkomstwoorden gesproken en uitgewisseld. Maar, lerend van de ervaringen van eerder, werd al vrij snel de boel zo georganiseerd dat we in drie groepen in gesprek konden met de vrouwen in het dorp, die in een zelfhulpgroep waren georganiseerd. En ook hier werd met glinsterende ogen op een zelfbewuste manier verteld over wat er allemaal al bereikt was.

Dat er 1000 shilling per persoon per week (0,25 ct) in de gezamenlijke pot werd ingelegd. Dat ze daarmee in staat waren om leden van de groep te helpen die in de problemen kwamen. Dat ze geleerd hadden hoe ze de grond beter konden verbouwen (bijvoorbeeld de gewassen in rijen planten) en zo meer opbrengst konden genereren. Vol trots lieten ze ook velden zien, een veld in gebruik gegeven door een lid van de groep dat ze gezamenlijk bewerkten. Ook hier vier kleinere varkens, gehouden aan een touw en gevoerd met maisbladeren en (zoete) aardappelschillen. De varkens worden verkocht als er plotselinge nood is, een begrafenis o.i.d. Ik ben stomverbaasd als ik hoor wat er allemaal bereikt is. Er is nog niet veel geoogst sinds het begin van het project. We staan aan het begin, aan de kleren en hutten is te zien dat er nog niet zoveel welvaart is als bij de andere project van een paar dagen eerder. Maar, wat een energie en werken aan een toekomst is hier zichtbaar!

Tot mijn grote vreugde gaan we daarna op bezoek bij een mannengroep. Aan de vrouwen vragen we nog waarom groepen niet uit zowel mannen als vrouwen bestaan. Dat antwoord is nogal helder: mannen (beleefdheidshalve wordt het ‘de mannen hier’) zijn corrupt en gaan er met het geld vandoor. Rotterdamse ‘recht op de man af’-taal in Oeganda 😊. Maar voor mij een goede om te onthouden. Mmm, wat zal ik de mannen eens gaan vragen? En wat zal het antwoord zijn? Verder nemen mannen veel te snel te rigoureuze beslissingen. Mmm, dat is wel herkenbaar. Daar moeten ze hier misschien ook maar gewoon aan wennen die vrouwen.

Nu zijn de gesprekken met de mannen, blijkt achteraf als we als bezoekers onze ervaringen delen, nogal verschillend. In de twee andere groepen komt het gesprek niet lekker op gang, maar ik heb geluk met een aantal enorme kletskousen… Tenminste na enige behoedzame vragen en antwoorden komen we geweldig leuk in gesprek met elkaar en vertellen de mannen geweldig veel over wat ze doen. En hier ben ik ook enorm onder de indruk. Misschien niet zozeer over de economische resultaten, maar wel over wat ze vertellen over hoe het nu allemaal werkt. We hebben gevraagd wat het project nu precies voor hen betekent, voor ieder persoonlijk en of ze dan ook maar allemaal antwoord willen geven. Ja, ja, ook wij kunnen Rotterdams ‘recht-op-de-man-af’ kletsen! Maar de reactie op die vraag is geweldig. Het eerste half uur komen wij niet meer aan het woord. De één na de ander vertelt zijn verhaal. En vaak steekt iemand die al aan de beurt is geweest zijn hand op om nog wat aan te vullen bij het verhaal van zijn medelid.

Zomaar wat dingen die bij mij vooral zijn blijven hangen:

Een man vertelt heel plastisch dat door het project ‘zijn hoofd is gaan werken, dat daarvoor in slaap was’. Kortom dat er een proces op gang is gekomen van ideeën. Ook hier wordt verteld dat ze geleerd hebben hoe ze de grond beter kunnen bewerken. Dat ze zijn gaan sparen. Dat ze elkaar nu kunnen helpen als iemand in de problemen zit. Dat ze geld uitlenen aan leden als die het nodig hebben om te investeren. Dat geld wordt met rente terugbetaald.

Wederom ben ik onder de indruk van de invloed van het proces dat in de zelfhulpgroepen op gang komt. Hoe snel dingen in uitvoering gaan. Wat ik zie is dat deze mensen ineens een toekomstperspectief hebben. Ook bij de mannen, wordt net als bij de vrouwen, heel snel genoemd dat ze het schoolgeld voor de kinderen nu kunnen betalen. Dat wordt door AEE ook heel nadrukkelijk in het project ingebracht en ik zie dat deze ontwikkeling bij de mannen en vrouwen direct een belangrijk voordeel oplevert voor de kinderen. Het opent de weg naar onderwijs! Onderwijs en meer bestaanszekerheid, minder gebrek en honger.

Maar dan schuiven we voorzichtig naar de relatiecomponent. Want waarom toch, zijn de zelfhulpgroepen apart voor mannen en vrouwen? Ook daarover volgt een uitgebreid en zeer open gesprek. En tot mijn verbijstering begrijp ik nu pas dat ook voor echtparen het zo is dat ze zelf een stukje grond bebouwen en dus een eigen inkomen verwerven. Maar, ze delen dat inkomen niet meer elkaar. Eén van de mannen beklaagt zich er over dat zijn vrouw naar de markt gaat, producten verkoopt en naar huis komt met spullen, eten voor hem maakt, maar ze vertelt niet wat ze verdiend heeft. Terwijl hij toch hoofd van het gezin is. Ah… Daar komt ‘tie: Als je zelf spullen hebt verkocht, vertel jij dan wel aan je vrouw wat je verdiend hebt? Eh, nou deze meneer verkoopt zelf geen producten op de markt, dus dat komt niet voor. Maar in de rest van het gesprek merk ik wel dat zowel mannen als vrouwen voor zichzelf houden wat ze verdienen en hoe ze het precies besteden. Maar beiden kopen wel spullen, voor het gezin en brengen die in. Ook beide groepen geven aan dat een deel van het inkomen aan schoolgeld wordt besteed. Hoe dat dan werkt, wie wat betaalt, wordt niet helemaal duidelijk en is misschien ook per gezin verschillend…

En, geweldig, het gesprek komt ook over hoe deze mannen dan met hun vrouw omgaan. Eén vertelt dat hij ‘vroeger’ als zijn vrouw wilde overleggen over wat ze moesten regelen voor het gezin, boos EN gewelddadig werd. Omdat, zo zegt hij zelf, hij vond dat zijn vrouw daarmee de baas wilde zijn. Maar dat hij nu geleerd had dat het goed was om te overleggen. Ze hadden nu ook een stukje gezamenlijke grond en overlegden met elkaar waar ze geld aan besteden.

Dat sluit ook aan bij het antwoord op de vraag: ‘wat bespreken jullie nu eigenlijk op die wekelijkse bijeenkomst als groep?’ Nou, dat is één onderwerp per keer. Bijvoorbeeld: domestic violence, huiselijk geweld. Ik val steil achterover. Al begrijp ik ook wel dat dit onderwerpen zijn die AEE probeert onder de aandacht te brengen. Maar dat dit door henzelf als voorbeeld wordt genoemd. Geweldig vind ik dat! En hij geeft tevens aan dat ze het bespreken en vervolgens afspraken maken en acties uitzetten om het aan te pakken.

Eén van de mannen is geen landbouwer, maar ZZP’er in de bouw. Hij bouwt de plaatselijk ‘Hats’. Materiaal wordt geregeld en hij voert uit. En op de vraag of de groep alleen uit christenen bestaat, of er ook andere religies welkom zijn wordt heftig geknikt. Ja, iedereen is welkom. Feit is, ik zit met twee moslims, twee katholieken en een paar evangelische christenen te praten!

Ik realiseer me he belangrijk het is dat er niet alleen met vrouwengroepen, maar ook met mannengroepen wordt gewerkt. Om zo de ontwikkeling van beide in evenwicht te houden.

Wat ben ik blij geworden van deze twee groepsgesprekken! En dat plezier is moeiteloos vast te houden EN te verdriedubbelen als we daarna vervoerd worden over enkele kilometers en de plaatselijke kinderclub bezoeken. Een open plek onder bomen waar de kinderen twee keer per week bij elkaar komen om te spelen, te dansen, muziek te maken en drama te spelen. En daar laten ze van alles van zien. Dansvoorstellingen, toneelstukken, voordrachtjes, het wisselt elkaar allemaal in rap tempo af.

Het drama dat ze laten zien, is geweldig en gaat gewoon over wat de kinderen meemaken in hun leven. Zo wordt bijvoorbeeld nagespeeld hoe een man met twee vrouwen altijd dronken bij zijn ene vrouw zit en zij er alleen voor staat. Hoe hij, als hij niet dronken is zijn andere vrouw bezoekt en daar zijn geld brengt. Met een serieus gevecht tussen de twee vrouwen, later het sterven van de ene vrouw aan een ziekte en de tocht van de kinderen naar het gezin van de ander vrouw, de klusjes die ze daar moeten doen, maar hoe ze ook achtergesteld worden. Assepoester op zijn Oegandees, zonder prins en goede afloop…

Wat een plezier heeft iedereen over hoe de kinderen het spelen. Dit is iets dat zij beter kunnen relativeren dan wij, we zien het plezier en dat werkt aanstekelijk, maar ook zijn we geschokt door het verhaal.

Ook hier mogen we in drie-/viertallen spreken met de kinderen. Dat is een beetje lastig met een groep van tientallen kinderen (want er zijn denk ik wel 120 tot 160 kinderen) en bij ons blijft dat beperkt tot algemene vragen. Later begrijp ik dat in een andere groep een meisje een vraag mocht stellen, vertelde dat vader en moeder dood waren gegaan, ze bij haar oma woonde en vroeg hoe ze naar school zou kunnen. Dat werd goed opgevangen door een medewerker van AEE die haar vertelde aan haar oma te vragen of ze lid kon worden van een zelfhulpgroep, zodat oma geld kon gaan verdienen en zijn naar school kon. Op de vraag of ze dat zou gaan doen, ja, dat ging ze zeker doen!

In onze groep was het gesprek dus algemener: gaan ze graag naar school (gejuich stijgt op…) in welke groep zitten ze (vingers opsteken per groep) en één van ons besluit ze ook nog een liedje te leren, Hoofd, Schouders, Knie en Teen. Die slaat in als een bom. Dubbel van het lachen ligt iedereen.

Als totale groep wordt er nog gedanst in een kring, enkele geëerde gasten worden de kring in getrokken en dansen mee, waaronder uw correspondent ter plaatse. In deze sfeer van hilariteit die dit oplevert nemen we afscheid. We stappen in de bussen en worden direct vervoerd naar de dorpen waar we, elk individueel, te gast mogen zijn deze avond en nacht…

En zo word ik, na een 20 minuten rijden, moederziel alleen met mijn rugzakje op mijn rug, afgezet aan de rand van het dorp. Iets verderop klinkt muziek en gezang. Aarzelend stap ik uit de bus, de rode aarde op, het pad richting het dorp… Wat zal ik hier gaan beleven?

André werkt bij Rots Bouw en reist eind oktober met Red een Kind en andere ondernemers naar Oeganda. Hij blogt over zijn ervaringen.

Terug naar overzicht