Hoe ziet Vincents gezin eruit?
Vincent woont met zijn ouders in Zilakoma, Malawi, en gaat naar groep 3 van de basisschool. Hij heeft vier oudere broers en wil later graag dokter worden. Vincent speelt graag voetbal in zijn vrije tijd. Hij heeft vaak hoofdpijn en kan daardoor niet altijd naar school.
Vincents gezin heeft een klein stuk land waarop ze gewassen verbouwen. Het land is onvruchtbaar en kan daardoor niet genoeg produceren voor de familie. Ze hebben geen bron waar ze (kunst)mest vandaan kunnen halen en daardoor blijft de opbrengst van het land laag. Het gezin heeft gebrek aan basisbehoeften, waaronder voldoende voedsel, kleding en goed onderdak. Ze verblijven in een huis dat met riet gedekt is en lekt in het regenseizoen.
In het dorp zijn er problemen op het gebied van onderwijs. Er zijn te weinig goede leraren op school en er zijn maar twee schoolgebouwen. Daarom krijgen leerlingen les onder bomen, wat lesgeven moeilijk maakt in het regenseizoen. Er zijn geen huizen beschikbaar voor de leraren. Ook is er geen schoon water in het dorp, waardoor de dorpsbewoners gebruik maken van het water uit de rivier, dat niet schoon is. Veel mensen lopen daardoor bacteriële infecties op.

Hoe helpt het programma?
De moeder van Vincent is lid van een zelfhulpgroep. In deze groep hebben zij en de andere leden toegang tot leningen waardoor ze activiteiten kunnen oppakken die inkomen genereren. Zo kunnen ze snel te fokken dieren grootbrengen en daarmee geld verdienen. De kleine bedrijven helpen hen om de basisbehoeften te betalen die ze eerst niet hadden. De fokdieren zorgen voor mest, wat gebruikt kan worden voor de landbouwgrond. Ook worden ze gemotiveerd moderne methoden te gebruiken wat betreft gezinsplanning, waardoor gezinnen niet heel groot worden.
De dorpsbewoners werken samen met andere stakeholders. Zo krijgen ze trainingen over sanitaire voorzieningen, het boren van schoon water, de bouw van meerdere klaslokalen en lerarenhuisjes en het regelen van kwalitatief goede leraren. In de community worden kindergroepen gevormd en kinderen worden gestimuleerd daar heen te gaan. Dit helpt hen bij het verwerven van levensvaardigheden en psychosociale steun, zo dat ze hun toekomstdoelen kunnen bereiken.